Thuis voelen

“We want to thank you a lot; thanks the people of your city, we really feel at home here!”

We schrijven zaterdag 24 september 2022. In Bredevoort. Als vertegenwoordiger van het College van B&W ben ik even op bezoek in Hotel De Heerlyckheid in Bredevoort. In dit hotel is namelijk het nationale damesvolleybalteam van Kazachstan te gast i.v.m. de WK volleybal dat deze dagen wordt gehouden in Arnhem. De Kazachse delegatie had een vertegenwoordiger van de ‘gastgemeente’ uitgenodigd als blijk van waardering voor de gastvrijheid. En dus meldde ik me ’s ochtends vroeg, net na het ontbijt van het team om half negen, in ons vestingstadje. Wat volgde was een prachtige ontmoeting. (De eerlijkheid gebied me te zeggen dat ik de ontmoeting bij voorbaat natuurlijk al interessant vond omdat mijn hart áltijd sneller gaat kloppen bij volleybal-gerelateerde zaken )

Enfin, en toen kwam dus die prachtige opmerking van de teammanager van team Kazachstan: “We want to thank you a lot; thanks the people of your city, we really feel at home here!”

Die opmerking raakte me én zette me aan het denken. Want: wat mooi dat het ons (hotel, gemeente, gemeenschap, etc.) klaarblijkelijk lukt om deze gasten uit Kazachstan zich thuis te laten voelen! Maar toen kwam ik wel meteen verder aan het denken; lukt ons dit áltijd? En lukt ons dit ook bij onze éigen inwoners? Vóelt iedereen in onze gemeente zich thuis? Doen wij de goede dingen voor onze inwoners? Kúnnen onze inwoners altijd dankbaar zijn voor wat wij doen (“… thanks the people of your city…”) De vraag stellen, is ‘m beantwoorden. Ik denk het niet, jammer genoeg. We kunnen hierin verbeteren. Door nóg beter te onderzoeken wat nou precies ‘de bedoeling’ is en niet te bekijken wat de wet voorschrijft. Door nóg meer en beter te luisteren wat onze inwoners (maar ook onze buren, vrienden, dorpsgenoten, ondernemers, verenigingen) nodig hebben en wat hen bezig houdt. Precies dít is wat mij drijft om werkzaam te zijn in de lokale politiek! En juist op dit vlak heb ik een dijk van een uitdaging. Ik vertel ‘m kort en beloof er in toekomstige nieuwsbrieven nader op in te gaan.

Als wethouder jeugd vind ik mijn belangrijkste missie in de titel van het boek van Hillary Clinton, genaamd ‘It takes a village to raise a child’. Hierin beschrijft zij dat als je jeugd succesvol, gezond en kansrijk groot wil laten worden, dit een gemeenschap vraagt waarin men elkaar weet te vinden. Niet alleen de inwoners maar zeker ook de ‘partijen’ die rondom het kind staan. School, kinderopvang, vereniging, buurt, hulpverleners, gemeente, etc. Het is mijn droom dat het ons in onze gemeente lukt om hierin stappen te zetten. Met elkaar. Zodat onze éigen inwoners straks óók kunnen zeggen “Thanks the people of our city, we feel at home here!”

Over hóe we dat denken te gaan doen, welke stappen we hierin met elkaar te zetten hebben én de voortgang op dit gebied, vertel ik graag een volgende keer.

Hans te Lindert